Bosanemoon

Bosanemoon

Ze zijn zomaar weer uitgebloeid, maar ik zal ze niet vergeten. De bosanemoon verkondigt de lente. Dat doen ook veel andere bloemen, maar zij hebben iets bijzonders…

Oude bossen vindt je niet zo makkelijk, de mens heeft weinig medelijden gehad met de boom-beschavingen die we ordinaire bossen noemen. Bossen worden nog steeds als een verzameling van bij elkaar groeiende en meestal aangeplante bomen beschouwd, alsof het gaat om een bosje sierbloemen. Maar ze zijn er nog, oude bossen. Meestal klein, in meer of mindere mate aangetast en vaak omsingeld door landbouwgrond.

Het Savelsbos

Zuid Limburg, 230 kilometer ver van huis ligt één van de mooiste plekken van Nederland, holle wegen, steile hellingen en een schilderachtig landschap. Het voorjaar legt op de bodem een deken van kruiden die snel gaan groeien en bloeien voordat de bomen met hun bladeren het zonlicht voor zich eisen. Daslook is erg succesvol hier, grote delen van het bos worden breed maar voor korte tijd ingenomen. Gelukkig blijft toch ruimte over voor andere soorten, vingerhelmbloem, donkersporig bosviooltje, gele anemoontje. Op de vochtige dalen groeit de prachtige witte klaverzuring, hij staat zelfs op een mossige stam, als het maar vochtig genoeg is. De gulden sleutelbloem prefereert juist de drogere, lichtere plekken. Ondertussen rennen hitsige bosmuizen achter elkaar tussen de gevallen boomstammen en wat betreft de vogels… om kort te houden, veel! Het oude bos is prachtig, oude en zieke bomen mogen vanzelf vallen en worden niet opgeruimd. Onbegrijpelijk dat aan de andere kant van het pad toch nieuw bos is aangeplant. Netjes in rijen, dezelfde leeftijd en verdeeld in monosoort percelen, jammer! Maar we laten hierdoor de pret niet drukken, want hij staat er ook, de bosanemoon, de koning van de bosplanten.

Het Savelsbos grenst hier aan een kleinschalig cultuurlandschap

Een klein plantje met witte bloemen, die door (wilde)bijen worden bestoven. Hij houdt van humusrijke bosbodem, hoe oud hoe beter, niet voor niets is hij op natuurlijke groeiplaatsen een indicator voor een eeuwenoud bos. Elke soort heeft zijn eigen strategie om het zaad te verspreiden, sommige gebruiken de wind, anderen het wassende water, of dieren. De bosanemoon doet aan myrmecochorie. Het zaad lokt mieren met een mierenbroodje, zij nemen hem naar het nest, eten het mierenbroodje en gooien vervolgens het “afval” naar buiten. Met een beetje geluk valt het op goede grond en gaat hij kiemen, zo krijg je een nieuwe populatie. Tevens wordt de mens ook gebruikt, zijn schoonheid lokt plantenliefhebbers die vervolgens hem in tuinen, heemtuinen en parken aanplanten.

Kom je ‘m tegen, ergens in een oud bos of houtwal, dan heb je te maken met een monument, een herinnering aan de tijd waar oude bossen normaal waren, gedurende lange tijd ons “thuis”.

Geef een reactie